Finalisten Limburgs Buutkampioenschap bekend
<p><strong>Buuttereedners worstelen met humor <br /></strong>Door Guus Urlings</p><p>Zes buuttereedners mogen op 13 januari in de Oranjerie in Roermond gaan uitmaken wie de titel Limburgs buuttekampioen 2006 verdient. De finalisten werden uit zestien kandidaten geselecteerd tijdens drie voorronden, goed voor in totaal 176 minuten worstelen met humor. Vaak pijnlijk worstelen. <br /><br />Humor is moeilijk. En buuttereednen is een vak apart. Als iets duidelijk is geworden tijdens de voorronden van de strijd om het Limburgs buuttekampioenschap 2006, dan is het dát wel. Zestien titelpretendenten vertoonden -netjes verdeeld over drie buutte-avonden in Belfeld, Ulestraten en Nederweert-Eind- hun kunsten aan het publiek, wat bij elkaar opgeteld neerkomt op 176 minuten humor. Of toch pogingen in die richting. Want laat het maar vooraf gezegd zijn: het niveau viel, voorzichtig uitgedrukt, niet mee dit jaar.</p><p>,,Wij hebben geconstateerd dat er sprake was van wisselend succes. Er waren verrassingen in positieve zin, maar we hebben soms ook kunnen zien hoe moeilijk het is om in de buut te staan.'' Wie de zeer voorzichtige bewoordingen kent waarin de jury van de buuttestrijd zich doorgaans uitlaat over de deelnemers -'gemiddeld redelijk' is zo ongeveer de zwaarste kritiek die ooit werd vernomen- kan deze uitspraak, woensdag tegen middernacht opgetekend in Nederweert-Eind, niet anders zien dan als een veeg teken.</p><p>Dat deze keer uit het op zich al magere deelnemersveld slechts zes kandidaten tot de finale zijn toegelaten, terwijl de laatst jaren zeven of acht de norm is, mag al even veelzeggend heten. Volgens een van de vaste volgers van het circuit is zes ,,het minimum aantal buuttereedners dat nodig is om van de finale een fatsoenlijk avondvullend programma te maken.'' Dat is voor het carnavalswereldje nét iets te cynisch, en doet bovendien afbreuk aan de finalisten die hun plek, afgemeten tegen de kwaliteit van de rest van het deelnemersveld, stuk voor stuk verdiend hebben. Maar een kern van waarheid zit er wel in.</p><p>Worstelen met humor. Dat was het, tijdens die drie voorronden. En de meerderheid van die worstelpartijen kende alleen maar verliezers. Na afloop stonden zowel het publiek, de tonprater zelf als de humor op de slachtofferlijst. Wat er fout ging? Slechte voorbereidingen, wrakke en onsamenhangende teksten, een matte of uitgesproken saaie presentatie, te weinig smoel, te veel gemakkelijke -of desperate?- pogingen om te scoren met weinig subtiele dubbelzinnigheden. En veel te veel belegen grappen. Over schoonmoeders, vooral. Of over de (hopelijk virtuele) echtgenote, die bijna altijd dom, dik, lelijk en lastig is. Van die 'bakken aan de bar', die weliswaar gemakkelijk weglachen maar niet beklijven.</p><p>De tien buuttereedners die de finale niet haalden, ontbreken daar terecht. Omdat hun buut kwalitatief niet aan de maat was. Maar toch.... Mag ik -het kan nu toch geen kwaad meer- een lans breken voor Frans Hendriks uit Landgraaf? Hij ging een al jaren niet meer vertoond waagstuk aan door tijdens de voorronde in Ulestraten een buut (als collectant) te presenteren die helemaal op rijm was gesteld. Een oude en authentieke, maar ook extra moeilijke buutte-vorm, waarbij het scoren van lachsalvo's strak gebonden is aan een vast ritme. Toegegeven: de buut van Hendriks was niet af, presentatie en voordracht waren te aarzelend. Maar met nog twee maanden tijd om de ruwe kantjes weg te schaven en de pointes wat op te poetsen had hij er iets van kunnen maken dat het publiek op 13 januari, tijdens de finale, in ieder geval eens een heel ándere kant van de buut zou laten zien.</p><p>Bovendien: als Hendriks tot de finale was toegelaten, had Zuid-Limburg tenminste op 13 januari óók nog iets in de melk te brokkelen gehad. Ga het rijtje finalisten maar na: Har Daniëls uit Herkenbosch, Ton Donders uit Weert, Pierre van Helden uit Melderslo, Michel Opbroek -let op die man!- uit Roermond, Jan Reinders uit Buggenum, Koen Verstappen uit Meijel. Geen Zuid-Limburger te bekennen. Toegegeven: grote zuidelijke kanonnen als meervoudig kampioenen Gilbert Petit (Ulestraten) en Hub Stassen (Voerendaal) ontbraken dit jaar op het appèl. Maar toch rijst de vraag (vrij naar Wim Sonneveld): ,,Waar is de humor in Zuid-Limburg gebleven, vandaag de dag? Dat vraag ik u af, meneer.''</p><p>Los van dit alles: het wordt een heel aardige finale, op 13 januari in Roermond. Met een gevarieerd deelnemersveld: meervoudig Limburgs buuttekampioen Pierre van Helden, meervoudig finalist bij de Brabantse kampioenschappen tonpraten Koen Verstappen, 'eeuwige runners-up' Ton Donders en Har Daniëls en (relatieve) nieuwkomers Jan Reinders en Michel Opbroek. Een gedoodverfde winnaar zit er deze keer niet bij. Maar er valt straks, afgaande op wat dit zestal tijdens de voorronden liet zien en horen, absoluut wat te lachen.</p><p>(Bron: De Limburger)</p><p>De finalisten:</p><p><br /><a class="agenda2" href="http://www.buutreednen.nl/pierrevanhelden">Pierre van Helden</a><br /><a class="agenda2" href="http://www.buutreednen.nl/koenverstappen">Koen Verstappen</a><br />Ton Donders <br />Har Daniëls <br />Jan Reinders <br />Michel Opbroek<br /><br /></p>